|
| |
|
Nederlandse naam: |
|
Tijgerpython |
|
Land van herkomst: |
|
Zuid Oost Azië: Thailand, Vietnam |
|
Grootte: |
|
tot 900 cm |
| |
Kleuren |
|
Een lichtgele tot vaalbruine basiskleur is op de rug en
flanken te zien. Over deze basiskleur heen zijn grote
donkerbruine tot donker mosgroene vlekken aanwezig die
over het complete lichaam aanwezig zijn. Vanaf de punt
van de snuit loopt een brede lichtgekleurde band over
het oog tot in de nek waar hij overgaat in de
nettekening van het lichaam. |
|
| |
Omschrijving |
|
Een zeer grote slang die zeer wisselend van karakter kan
zijn. Jonge dieren hebben relatief snel de neiging op
onverwachtse bewegingen toe te happen. Naarmate de dieren
groter worden verdwijnt dit bij de meeste dieren. Bij een
lengte van 3m of meer is het ten zeerste aan te raden om met
meerdere mensen de slangen te hanteren. Grote dieren leven
veelal op de bodem.
|
|
| |
Terrarium: |
|
Oerwoudterrarium; breder dan hoog, deze soort klimt (vooral
vanwege zijn gewicht) niet of nauwelijks. Doordat de dieren
zeer groot kunnen worden passen ze vaak niet in het
terrarium of zijn ze in staat om door het glas heen te
drukken. Een apart kamertje of een verblijf met een
oppervlakte van 12m² is zeer aan te raden.
|
|
Temperatuur /
luchtvochtigheid: |
|
25-34°C/ 60-80% overdag
22-24°C/ 70-90% 's nachts |
|
Voedsel: |
|
Knaagdieren, naarmate ze groter worden moeten de prooidieren
hierop aangepast worden. Een volwassen tijgerpython heeft
ongeveer eens in de maand een klein varkentje of iets
soortgelijks nodig. |
| |
|