|
| |
|
Nederlandse naam: |
|
Berberskink |
|
Land van herkomst: |
|
Noord Afrika (van Saudie Arabie tot Libie) |
|
Grootte: |
|
25-30 cm, in het bijzonder de mannetjes worden wat
forser. |
| |
Kleuren |
|
Grijsgele basiskleur op de rug. Op de flanken een
duidelijke afscheiding tussen rug en buiktekening in de
vorm van een oranje combinatie van stippen soms tot een
streep versmeltend. De buikzijde is egaalgeel tot wit
van kleur. Op de kop zijn vaak weinig tot geen oranje
stippen te vinden |
|
| |
Omschrijving |
|
Een robuust gebouwde skink uit de halfwoestijn en
woestijngebieden van Noord-Afrika. Ze jagen tijdens de koele
ochtend- en avonduren op alles wat beweegt. Tijdens de hete
uren van de dag schuilen ze in knaagdierholen en tussen
rotsen. Net als veel andere skinken eten Eumeces ook
plantaardig materiaal.
|
|
| |
Terrarium: |
|
Woestijnterrarium: breder dan hoog. Ingericht met een dikke
laag zand waarin de dieren kunnen graven. De aankleding kan
met wat stenen en/of stronken afgemaakt worden. Beplanting
is niet strikt noodzakelijk, evt. vetplanten en (stekelloze)
cactus. Eumeces schneideri is makkelijk te houden
maar nauwelijks te kweken. Daarvoor is een winterslaap
vermoedelijk noodzakelijk.
|
|
Temperatuur /
luchtvochtigheid: |
|
26-38°C/ 30-40% overdag
16-18°C/ 40-50% 's nachts |
|
Voedsel: |
|
Insecten, spinnen, plantaardig materiaal en zoetigheid. Deze
dieren eten praktisch alles wat ze voor de bek komt en
wanneer de dieren aan de verzorger gewend zijn zullen ze ook
dingen als reepjes vlees, groenteprakjes en eendagsmuizen
eten. |
| |
|
|
|