|
| |
|
Nederlandse naam: |
|
Rode Baviaanvogelspin |
|
Land van herkomst: |
|
Oost Afrika |
|
Grootte: |
|
5 - 7 cm
(lichaamslengte) |
| |
Kleuren |
|
Deze spinnen lijkt heel erg op de Pterinochilus
lugardi. De basiskleur is echter veel meer
roestbruin met voor op de abdomen (achterlichaam) vaak 4
symmetrisch verdeelde zwarte vlekken. Verder naar achter
is een serie kleine streepjes te zien Op de carapax
(kopborststuk) zijn vanuit het midden van de kop een
groot aantal dunne, lichte strepen die naar de rand toe
lopen. |
|
| |
Omschrijving |
|
Een slanke spin die qua karakter erg agressief is naar
prooien en predatoren. Tegenover soortgenoten zijn deze
vogelspinnen daarentegen relatief rustig en paringen hoeven
geen probleem te zijn. Deze vogelspin graaft vaak een lange
gang in de grond van waaruit ze vooral tijdens de schemering
en 's nachts jagen. Ver van het hol gaan ze echter nooit.
Het gif is neurotoxisch en werkt in op het zenuwstelsel.
|
|
| |
Terrarium: |
|
Breder dan hoog; Geef deze gravende soort een dikke laag
bodemmateriaal waarin ze een goed hol kunnen bouwen. Met een
stuk schors of stronk is de inrichting compleet.
|
|
Temperatuur /
luchtvochtigheid: |
|
24-26°C/ 60-80% overdag
20-22°C/ 80-90% 's nachts |
|
Voedsel: |
|
Allerlei grote insecten als rozenkeverlarven, volwassen
krekels, sprinkhanen en moriowormen. |
| |
|