|
| |
|
Nederlandse naam: |
|
- |
|
Land van herkomst: |
|
Paraguay en Argentinie |
|
Grootte: |
|
8 - 10 cm (lichaamslengte) |
| |
Kleuren |
|
Basiskleur van kopborststuk en abdomen roestbruin tot
donkerbruin. De rand van het kopborststuk heeft een
lichtbruine rand. Eupalaestrus tenuitarsus
heeft op de tibia (schenen) duidelijke geelwitte
strepen. Op de pootsegmenten na de tibia zijn deze ook
terug te vinden alleen veel onduidelijker. Na een
vervelling zijn de kleuren van de abdomen en
kopborststuk donkerder gekleurd en neigen naar blauwig
zwart. |
|
| |
Omschrijving |
|
Een vrij compact gebouwde vogelspin met een rustig karakter.
Deze bodembewonende vogelspin is overdag voornamelijk te
vinden in verlaten knaagdierholen of graaft zelf een hol.
Deze vogelspin heeft de mogelijkheid om brandharen af te
wrijven die jeuk kunnen veroorzaken. |
|
| |
Terrarium: |
|
Prairieterrarium: breder dan hoog. Ingericht met een dikke
laag zand waarin de dieren kunnen graven. De inrichting van
het spinnenterrarium kan spartaans gebeuren met behulp van
enkele stenen of stukken hout. Een kleine, ondiepe drinkbak
waar de dieren niet in verdrinken is aan te raden.
|
|
Temperatuur /
luchtvochtigheid: |
|
25-27°C/ 50-70% overdag
16-18°C/ 60-70% 's nachts |
|
Voedsel: |
|
Krekels, sprinkhanen, rozenkeverlarven, reepjes mager vlees
en moriowormen |
| |
|